Dierensporen herkennen tijdens je wandeling in Rhenen: tips

In de natuurgebieden rond Rhenen kun je tijdens je wandeling goed dierensporen herkennen. De vele dieren in het wild laten er allerlei sporen achter. Die sporen vertellen je wie er leven op dezelfde plek waar je wandelt. Het is daarom niet alleen leuk maar ook nog eens leerzaam. Waar moet je als wandelaar op letten voor het herkennen van dierensporen in Rhenen? En hoe weet je van welk dier het spoor is? Je leest hieronder onze tips over veel voorkomende sporen.

Handige hulpmiddelen

De juiste hulpmiddelen helpen om dierensporen te herkennen. Met een loep en pincet kan je de sporen goed bekijken. Daarnaast zijn er gidsen die dierensporen op ware grootte weergeven. Dit helpt je om het goede dier aan de sporen te koppelen. Natuurgids Dierensporen – Levensgroot is hiervan een voorbeeld. De sporen zijn gekoppeld aan informatie over de dieren. Zo kom je alles over ze te weten!

Op zoek naar dieren in het wild

Dieren komen vaak pas tijdens zonsondergang tevoorschijn. Ze blijven namelijk vaak bij mensen uit de buurt. Je hebt tijdens het wandelen geluk nodig om een hert, vos of das tegen te komen. Daarom zijn juist de sporen van dieren in het wild interessant. Ondanks dat je ze niet hebt gezien, weet je namelijk wel welke dieren er leven. Er zijn verschillende hints die dieren achterlaten waaraan jij dierensporen herkent. Opvallende tekens zoals pootafdrukken en uitwerpselen. Maar ook minder opvallende signalen zoals vraatsporen en overblijfselen van nesten, braakballen en veren vertellen je een hoop.

1. Pootafdrukken

De natuur staat vol met pootafdrukken. Vooral op modderige stukken of als er sneeuw ligt, zijn deze goed te zien. Kijk eens wat voor afdrukken je ziet staan. De pootafdruk zegt veel over het dier dat er heeft gelopen. Bekijk de vorm, het aantal tenen en de grootte van de afdruk. Daarnaast is het interessant om bij meerdere pootafdrukken de afstand in te schatten. Dat zegt veel over de grootte van het dier.

De vorm van de poten vertelt je van welk soort dier het spoor is. Dit kan een zool-, teen- of teentopganger zijn. Bij een zoolganger zie je een afdruk van vijf tenen en een voetzool. Dit zijn vaak wat tragere dieren zoals egels en dassen. Teengangers laten vaak vier tenen als spoor achter. Bijvoorbeeld de vos. Je herkent bij teentopgangers vaak alleen één of twee teentoppen. Dit zijn dieren zoals een zwijn en hert. Zo zie je maar dat pootafdrukken je veel vertellen als je wilt dierensporen herkennen.

2. Uitwerpselen

Uitwerpselen zijn enorm bruikbaar om dierensporen te herkennen tijdens een wandeling. Het is niet het meest frisse spoor maar het geeft interessante informatie. Vooral de vorm en inhoud van de uitwerpselen zijn belangrijk om naar te kijken. De vorm zegt vanzelfsprekend wat over de grootte van het dier. De inhoud zegt veel over het soort dier. Zie je vooral zaden en pitten? Dan heb je een dierenspoor herkent van een planteneter. Wanneer je dierlijke restjes ziet zoals veren of botjes, dan was het een roofdier. Daarnaast is een combinatie ook mogelijk. Dit zijn alleseters zoals vossen en marters.

Daarnaast is het ook interessant om naar de plek van de uitwerpselen te kijken. Vossen leggen hun uitwerpselen graag op een hogere plek zoals een boomstam. Ook de vindplaats zelf helpt je daarom vaak bij dierensporen herkennen.

3. Vraatsporen

Dieren in het wild eten wat de natuur ze te bieden heeft. Daarmee laten ze vaak sporen achter. Voor planteneters zijn bijvoorbeeld bladeren en boomschors een lekkere maaltijd. Zie je geknakte takjes, aangevreten eikels of losgetrokken boomschors? Grote kans dat je daar meer sporen vind zoals pootafdrukken en uitwerpselen. Zo ontdek je al gauw welk dier het is geweest. Let ook op omgewoelde grond. Een aantal dieren in het wild zoeken zo naar voedsel zoals wortels en gevallen eikels. Vooral wilde zwijnen en runderen doen dit vaak.

4. Overblijfselen

Roofdieren laten vaak overblijfselen achter. Ook dit zijn herkenbare dierensporen. Zo laten roofvogels en uilen regelmatig braakballen achter. In deze dierensporen herken je vaak onverteerbare restjes zoals kleine botjes. Daardoor weet je niet alleen dat er een uil of roofvogel leeft, maar ook welke prooidieren er zijn. Hetzelfde geldt voor andere roofdieren. Een vos die een duif te pakken heeft gehad. Of een boommarter die een muis heeft gevangen. Ze laten altijd wel wat overblijfselen achter.

Dierensporen herkennen in Rhenen

Je hebt in Rhenen volop mogelijkheden om naar sporen te zoeken. Er zijn meerdere natuurgebieden waar veel dieren en vogels leven. De gebieden zijn onderdeel van Nationaal Park Utrechtse Heuvelrug. Na de Veluwe het grootste bosgebied van Nederland. Er zijn prachtige wandelroutes. Blijf wel altijd op de wandelpaden als je in Rhenen dierensporen zoekt. De natuurgebieden zijn namelijk beschermd. Je mag de wandelpaden daarom niet verlaten. Helaas ook niet voor een interessant spoor.

Foto: Janbart Donkers

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s